Wanneer gedrag en vaardigheden niet centraal staan tijdens de selectieprocedure, wordt het selectieonderzoek ingezet. Hierbij wordt geen gebruik gemaakt van praktijkoefeningen. Dat is tevens het belangrijkste verschil met het selectieassessment. De belangrijkste punten van het selectieonderzoek zijn het verkrijgen van inzicht in de capaciteiten van de kandidaat en het krijgen van een duidelijk beeld van zijn/haar persoonlijkheid in relatie tot de vereiste competenties voor de functie.
Via capaciteitentests wordt het werk- en denkniveau van de kandidaat bepaald. De sterke en zwakke punten van de kandidaat en de persoonlijkheid worden onderzocht middels interesse- en persoonlijkheidsvragenlijsten.
Ook bij het selectieonderzoek geldt dat het gebruikt wordt om doelgericht en objectief informatie te verzamelen over iemands capaciteiten en persoonlijkheid. Gedragsvaardigheden worden echter niet gemeten. Indien er sprake is van onderzoeken van bijvoorbeeld leidinggevende of commerciƫle vaardigheden dient hiervoor - afhankelijk van de zwaarte van de functie - het selectieassessment of het selectieassessment executive ingezet te worden.
Inhoud en werkwijze
Het selectieonderzoek omvat:
-
Voorbespreking met de opdrachtgever
-
Criteriumgericht interview met de kandidaat
-
Op de vraagstelling afgestemde tests en vragenlijst
-
Terugkoppeling naar de kandidaat
-
Terugkoppeling naar de opdrachtgever
-
Schriftelijke rapportage, waarin de belangrijkste resultaten, conclusies en adviezen van het onderzoek worden vermeld.
Resultaat
De opdrachtgever krijgt een helder beeld over de geschiktheid van de kandidaat voor de functie met daarbij duidelijk in kaart gebracht de beoordeling per competentie.